De Katz-schaal: wat meet ze en wat betekent je score?

De Katz-schaal toont hoeveel hulp iemand nodig heeft bij gewone dingen zoals wassen, aankleden en eten. Hier lees je hoe ze werkt, wat de scores betekenen en hoe dat er in de praktijk uitziet.
Thuisverpleging

De Katz-schaal is een vragenlijst waarmee de thuisverpleegkundige bepaalt hoe zelfstandig iemand nog is bij zes dagelijkse activiteiten: zich wassen, zich kleden, zich verplaatsen, naar het toilet gaan, continentie en eten. Per activiteit krijg je een score van 1 (helemaal zelfstandig) tot 4 (volledig afhankelijk). De combinatie van die scores bepaalt hoe het ziekenfonds de verpleegkundige zorg vergoedt: per verzorging, of met een vast bedrag per dag (forfait A, B of C).

Waarvoor dient de Katz-schaal?

Het ziekenfonds vergoedt thuisverpleging volgens vaste regels van het RIZIV. Voor hygiënische zorg, dus hulp bij wassen en aankleden, hangt die vergoeding af van hoeveel hulp je nodig hebt. De Katz-schaal maakt dat meetbaar. Zo spreken de verpleegkundige, het ziekenfonds en de adviserend arts over hetzelfde.

De schaal meet lichamelijke zelfredzaamheid. Ze meet niet hoe ziek iemand is, en ook niet hoeveel de familie al helpt. Iemand met een zware diagnose kan dus een lage score hebben, en omgekeerd.

De zes onderdelen in gewone taal

Voor elk onderdeel kijkt de verpleegkundige wat je zelf kan en waarbij je hulp nodig hebt.

Zich wassen

Score 1: je wast je volledig zelf. Score 2: je hebt wat hulp nodig voor het bovenlichaam of voor het onderlichaam. Score 3: je hebt gedeeltelijke hulp nodig, zowel boven als onder de gordel. Score 4: iemand moet je volledig wassen.

Zich kleden

Dezelfde opbouw. Van jezelf helemaal aan- en uitkleden (1) tot volledig geholpen worden, boven en onder de gordel (4). Veters tellen niet mee.

Transfer en verplaatsingen

Kan je zelf uit bed komen, in een stoel gaan zitten en rondstappen? Lukt dat alleen met een rollator, krukken of rolstoel, maar wel zonder hulp van iemand anders, dan is dat score 2. Heb je voor minstens één van die bewegingen iemand nodig, dan is het score 3. Ben je bedlegerig, of zit je in een rolstoel en ben je volledig afhankelijk om je te verplaatsen, dan is het score 4.

Toiletbezoek

Hier gaat het om drie dingen: naar het toilet gaan, je kleren uit- en weer aandoen, en je reinigen. Hulp bij één van de drie is score 2. Hulp bij twee is score 3. Hulp bij alle drie is score 4.

Continentie

Score 1: je houdt urine en stoelgang goed op. Score 2: je verliest af en toe urine of stoelgang, of je hebt een blaassonde of een darmstoma. Score 3: je bent incontinent voor urine of voor stoelgang. Score 4: voor allebei.

Eten

Score 1: je eet en drinkt zelf. Score 2: iemand moet vooraf helpen, bijvoorbeeld door je eten klaar te maken of te snijden. Score 3: je hebt tijdens het eten of drinken gedeeltelijk hulp nodig. Score 4: je bent volledig afhankelijk om te eten of te drinken.

En verwardheid?

Desoriëntatie in tijd en ruimte, zoals niet meer goed weten welke dag het is of waar je bent, is in de thuisverpleging geen zevende score. Het telt wel mee. Bevestigt je huisarts met een medisch attest dat je gedesoriënteerd bent in tijd en ruimte, dan kan hygiënische zorg vaker vergoed worden, ook als je voor wassen en kleden maar gedeeltelijk hulp nodig hebt.

Hoe vult de verpleegkundige de schaal in?

De thuisverpleegkundige vult de schaal in bij de start van de zorg. Ze baseert zich op wat ze bij de verzorging ziet, en op wat jij en je familie vertellen. Daarna stuurt ze de evaluatie elektronisch naar de adviserend arts van je ziekenfonds. Een evaluatie is maximaal drie maanden geldig. Loopt die periode af, of verandert je toestand, dan evalueert de verpleegkundige opnieuw.

Voor hygiënische zorg heb je geen voorschrift van de huisarts nodig. De huisarts kan ook geen aantal wasbeurten per week voorschrijven: hoeveel hygiënische zorg vergoed wordt, volgt uit de Katz-scores.

Het ziekenfonds kan de scores controleren. Een medewerker van de adviserend arts komt dan langs om te bekijken of ze kloppen met hoe het thuis echt gaat. Dat zijn steekproeven, geen teken dat er iets mis is. Vertel bij zo’n bezoek eerlijk hoe het gaat, ook over gevoelige dingen zoals incontinentie. Veel mensen stellen zich op zo’n moment beter voor dan ze zijn, en dan klopt het beeld niet meer.

Wat betekenen de scores?

Je telt de scores niet op. Het RIZIV kijkt naar combinaties. Grofweg zijn er vier situaties.

Hygiënische zorg per verzorging

Heb je minstens score 2 voor wassen, maar haal je de grens voor een forfait niet, dan wordt elke verzorging apart vergoed. In principe gaat het dan om maximaal twee keer hygiënische zorg per week. Bij minstens score 2 voor wassen en kleden kan dat één keer per dag worden als:

  • je score 4 hebt voor wassen en kleden,
  • je incontinent bent (score 3 of 4, of score 2 door nachtelijk urineverlies samen met af en toe urineverlies overdag),
  • je huisarts attesteert dat je gedesoriënteerd bent in tijd en ruimte.

Forfait A

Je hebt veel hulp nodig bij wassen en kleden (score 3 of 4 voor allebei) en daarnaast bij verplaatsen of bij het toiletbezoek (score 3 of 4 voor minstens één van die twee).

Forfait B

Zoals bij forfait A, maar je hebt zowel bij verplaatsen als bij het toiletbezoek veel hulp nodig. Daarbovenop heb je score 3 of 4 voor continentie of voor eten.

Forfait C

Je bent voor bijna alles volledig afhankelijk: score 4 voor wassen, kleden, verplaatsen en toiletbezoek. Voor continentie en eten heb je op het ene een 4 en op het andere minstens een 3.

Bij een forfait vergoedt het ziekenfonds één vast bedrag per verzorgingsdag voor alle verpleegkundige zorg van die dag samen. Op zo’n dag hoort minstens één hygiënische verzorging. Voor forfait C zijn er minstens twee bezoeken per dag nodig. Voor wie het palliatief statuut heeft, bestaan er aparte forfaits. Meer daarover lees je bij palliatieve zorg thuis.

En de letters O, A, B, C en Cd?

Die kom je vaak tegen bij een woonzorgcentrum. Daar gebruikt men een uitgebreidere versie van de Katz-schaal, waarin ook oriëntatie in tijd en ruimte gescoord wordt. Het resultaat is een categorie: O voor wie lichamelijk zelfstandig en niet gedesoriënteerd is, dan A, B en C naarmate iemand afhankelijker wordt, en Cd voor wie zwaar zorgafhankelijk is en daarbij gedesoriënteerd. Die categorieën lijken op de forfaits in de thuisverpleging, maar ze worden anders berekend. Een forfait B thuis is dus niet automatisch een categorie B in een woonzorgcentrum.

Wat betekent de score voor jou?

De Katz-score bepaalt hoe het ziekenfonds de verpleegkundige vergoedt. JJCare regelt die betaling rechtstreeks met je ziekenfonds en int geen remgeld. Meer uitleg vind je op de pagina wat thuisverpleging kost.

De score kan ook elders van pas komen. Heb je in de thuisverpleging minstens drie maanden zonder onderbreking een forfait B of C, dan kan je met een attest van je ziekenfonds het zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden aanvragen bij je zorgkas. Meer over zulke tegemoetkomingen lees je bij mantelzorg en thuisverpleging.

Een voorbeeld uit de praktijk

Stel: je mama van 82 woont alleen en komt thuis na een heupoperatie. Ze stapt met een rollator. Haar gezicht en armen wassen lukt aan de lavabo, maar haar rug, benen en voeten niet. Bij het aankleden lukt het dichtknopen van haar bloes niet, en haar broek, kousen en schoenen ook niet. Naar het toilet stappen gaat met de rollator, maar haar broek weer optrekken lukt niet alleen. Ze houdt urine en stoelgang goed op en eet zelf.

De verpleegkundige scoort dan ongeveer zo:

  • zich wassen: 3
  • zich kleden: 3
  • transfer en verplaatsingen: 2
  • toiletbezoek: 2
  • continentie: 1
  • eten: 1

Wassen en kleden scoren hoog, maar voor verplaatsen en toiletbezoek heeft ze geen 3 of 4. Een forfait is er dus niet. Elke verzorging wordt apart vergoed, in principe tot twee keer hygiënische zorg per week. Op de andere dagen kan de familie helpen, bijvoorbeeld bij het wassen aan de lavabo.

Zes weken later is ze gevallen. Ze heeft nu iemand nodig om van het bed naar de stoel te gaan (score 3), en op het toilet heeft ze hulp nodig om te stappen en om haar kleren (score 3). De verpleegkundige evalueert opnieuw. Met score 3 voor wassen, kleden, verplaatsen en toiletbezoek komt ze nu in aanmerking voor forfait A. De bezoeken worden daarna gepland volgens wat nodig is, in overleg met je mama en met jullie.

Wordt ze na een tijd weer zelfstandiger, dan daalt de score ook weer. Dat is goed nieuws, ook al betekent het dat de zorg anders ingepland wordt.

Veelgestelde vragen

Wie mag de Katz-schaal invullen?

In de thuisverpleging vult de thuisverpleegkundige de schaal in en ondertekent ze. In een woonzorgcentrum doet de verpleegkundige of de arts dat. Jij en je familie vullen de officiële schaal niet zelf in, maar wat jullie vertellen weegt wel mee.

Kan ik mijn score vooraf zelf berekenen?

Je kan met de beschrijvingen hierboven een eerste inschatting maken. Online rekentools geven ook een idee. Het officiële resultaat komt van de evaluatie door de verpleegkundige, en het ziekenfonds kan die nog controleren.

Wat als de score niet klopt met hoe het thuis gaat?

Bespreek het met je verpleegkundige. Is de situatie veranderd, dan kan ze opnieuw evalueren. Past het ziekenfonds de score aan na een controle, dan kan de verpleegkundige binnen een korte termijn bijkomende gegevens bezorgen.

Is de Katz-schaal hetzelfde als de BelRAI Screener?

Nee. De BelRAI Screener is een ander meetinstrument, dat onder meer in de gezinszorg gebruikt wordt, bijvoorbeeld voor een aanvraag van het zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden. De Katz-schaal is het instrument van de thuisverpleging.

Zorg aanvragen

Heb je vragen over de Katz-schaal of wil je zorg aanvragen? Je kan ons bellen op +32 51 79 27 51 of het formulier om zorg aan te vragen invullen.

Een zorg of informatie aanvragen?

Onze dienst thuisverpleging werkt het hele jaar door, 7/7. In deze moderne tijden is bereikbaarheid, zeker in de zorgsector, erg belangrijk. 

Een doorligwonde ontstaat door druk die te lang op dezelfde plek blijft. Met een paar vaste gewoontes kan je als familie veel doen om ze te voorkomen, en weet je wanneer je beter hulp vraagt.

Ben je op zoek naar een betekenisvolle carrière als thuisverpleegkundige? Of wil je weten hoeveel een thuisverpleegkundige verdient en hoe je zelfstandig aan de slag kan? In dit artikel ontdek je alles over het beroep van thuisverpleegkundige: de taken, het loon, en de stappen om zelfstandig te worden.

Steeds meer verpleegkundigen kiezen ervoor om zelfstandig thuisverpleegkundige te worden, aangetrokken door de vrijheid en het aantrekkelijke loon. Tegelijkertijd blijft de vraag naar thuisverpleging stijgen door de vergrijzing en de toenemende zorgbehoefte in België.

“Als ik eerlijk ben, had ik er nooit bij stilgestaan. Mijn moeder was nog behoorlijk actief voor haar leeftijd. Ze ging wandelen, deed haar boodschappen zelf en regelde haar administratie tot in de puntjes. Tot die ene dag dat alles veranderde.”